Een gemeente is verplicht om te zorgen voor de lijkbezorging van haar inwoners. Artikel 2, vijfde lid van het decreet van 16 januari 2004 schrijft voor dat dit een kosteloze dienst uitmaakt voor de inwoners van de gemeente. De kosteloosheid geldt alleen voor personen die ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters, het vreemdelingenregister of het wachtregister van de gemeente.
Het is mogelijk dat ook een niet-inwoner in de gemeente begraven wil worden of wenst dat zijn as daar begraven, uitgestrooid of bijgezet wordt. De gemeente kan hiervoor een belasting heffen.
De gemeenteraad heeft in zitting van 30 december 2019 zijn goedkeuring gehecht aan een belastingreglement op de begraving van niet-inwoners. Dit reglement vervalt op 31 december 2025.
Met het oog op de continuitet is het wenselijk een nieuw belastingreglement op op de lijk- en asbezorgingen van personen die op het ogenblik van hun overlijden niet ingeschreven waren in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente Linter vast te stellen.
De vrijstellingen van belasting die in dit reglement zijn opgenomen, sluiten het best aan bij de noden en het beleid van de gemeente.
Conform artikel 170 §4 van de Grondwet en artikel 40 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur behoort de bevoegdheid tot het invoeren van belastingen exclusief toe aan de gemeenteraad.
Artikel 1. Belastbaar voorwerp
Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt er een gemeentebelasting gevestigd op de lijk- en asbezorgingen van personen die op het ogenblik van hun overlijden niet ingeschreven waren in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente Linter.
Artikel 2. Tarief
§1. De belasting bedraagt € 250,00 per persoon die op het ogenblik van hun overlijden niet ingeschreven waren in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente Linter, en ooit ingeschreven geweest zijn in deze registers van de gemeente Linter.
§2. De belasting bedraagt € 500,00 per persoon die op het ogenblik van hun overlijden niet ingeschreven waren in de bevolkings- of vreemdelingenregisters van de gemeente Linter, maar nooit ingeschreven geweest zijn in deze registers van de gemeente Linter.
Artikel 3. Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de lijk- of asbezorging.
Artikel 4. Vrijstellingen
Van deze belasting zijn vrijgesteld:
Artikel 5. Vestiging, invordering en geschillen
De belasting moet contant worden betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs.
Als de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting een kohierbelasting.
De vestiging en de invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008, zijn de bepalingen van titel VII (Vestiging en invordering van de belastingen), hoofdstukken 1, 3, 4 ,6 tot en met 9 bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en de artikelen 126 tot 175 van het uitvoeringsbesluit van dit Wetboek van toepassing, voor zover niet specifiek de belastingen op de inkomsten betreffen.
Artikel 6. Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.