Terug
Gepubliceerd op 01/07/2026

Notulen  Raad voor maatschappelijk welzijn

di 30/06/2026 - 19:30 raadzaal
Aanwezig: Jonas Michiels, Voorzitter
Marc Wijnants, Burgemeester
Linda Verdeyen, Andy Vandevelde, Sandra Schoovaerts, Patrick Poffé, Schepenen
Martine Jacobs, Stef Goris, Ludo Pluymers, Bettina Sandermans, Kim Soetaers, Patrick Niclaes, Kris Schuyten, Wim Grauwels, Erna Arron, Tibo Bergé, Ellen Vanherwegen, Leden raad voor maatschappelijk welzijn
Rina Janssens, Algemeen Directeur
Verontschuldigd: Helga Delvaux, Joeri Dewelde, Leden raad voor maatschappelijk welzijn
  • Openbaar

    • Interne zaken

      • Secretariaat

        • Notulen en zittingsverslag van de vorige vergadering

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 32, 74, 277 §1 en 278 §1
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 januari 2026 betreffende het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn
          Feiten, context en argumenten

          De notulen en het audioverslag van de vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn van 26 mei 2026 werden acht dagen vóór de vergadering van de raad van maatschappelijk welzijn ter beschikking gesteld van de raadsleden.

          Elk lid van de raad voor maatschappelijk welzijn heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de raad voor maatschappelijk welzijn worden aangenomen, worden de notulen en het zittingsverslag in die zin aangepast.

          Besluit

          Enig artikel. De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van 26 mei 2026 goed en neemt kennis van het audioverslag.

      • Overheidsopdrachten

        • Toetreding tot de raamovereenkomst van de dienstverlenende vereniging Cipal (C-Smart) als aankoopcentrale voor afname van de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” – Bestek nr. CSMRTBOS24

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 30- 41, tweede lid, 10°
          • Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, in het bijzonder artikelen 2, 6°, 43, § 1, tweede lid en 47
          • Besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2022 houdende de toetreding tot de dienstverlenende vereniging Cipal
          • Principiële beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 27 april 2023 tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “Verwerving van licenties, gebruiksrechten, Cloud abonnementen en/of onderhouds- en /of ondersteuningsprogramma’s m.b.t. bepaalde backoffice oplossingen voor financiën en personeel aangevuld met oplossingen voor het aanleveren van beleidsinformatie”
          Feiten, context en argumenten

          De raad van bestuur van Cipal dv besloot op 27 april 2023 principieel tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “Verwerving van licenties, gebruiksrechten, Cloud abonnementen en/of onderhouds- en /of ondersteuningsprogramma’s m.b.t. bepaalde backoffice oplossingen voor financiën en personeel aangevuld met oplossingen voor het aanleveren van beleidsinformatie”.

          Gelet op de in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten, inzonderheid:

          • het selectiedocument waar het stelt (punt II.7): “Cipal dv zal in de zin van artikel 2, 6° van de Wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, in het kader van onderhavige opdracht kunnen optreden als aankoopcentrale voor alle deelnemers in de dienstverlenende vereniging Cipal. Deze besturen zullen zich, net als hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten en Vlaamse politie- en brandweerzones, hulpverlenings- en eerstelijnszones op de aankoopcentrale kunnen beroepen om een totaaloplossing in het kader van de te sluiten raamovereenkomst die het voorwerp uitmaakt van deze opdracht, af te nemen, zonder dat zij verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst. (…) Cipal dv zal in het kader van onderhavige opdracht tevens kunnen optreden als aankoopcentrale voor (zonder dat deze entiteiten verplicht zijn af te nemen via deze Raamovereenkomst): Alle andere Vlaamse gemeente- en OCMW-besturen, hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten;
          • het bestek waar het stelt (punt II.5): “Cipal dv oefent de overkoepelende leiding van en het overkoepelende toezicht op de uitvoering van de raamovereenkomst uit, terwijl de afnemer de leiding van en het toezicht op de levering van de door de afnemer geplaatste bestelling uitoefent.”
          • het bestek waar het stelt (punt II.6): “Gezien de raamovereenkomst niet exclusief is, behoudt de opdrachtgever - net als elke andere afnemer - steeds de vrijheid om een bepaalde aankoop niet via het raamcontract maar volgens de gewone procedures, die de wet op de overheidsopdrachten toelaat, te voeren.”;

          Op basis van de in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten besloot de raad van bestuur van Cipal dv op 23 januari 2025 voornoemde opdracht te gunnen aan Cipal Schaubroeck nv met zetel te Cipalstraat 3, 2440 Geel. 

          De voornoemde opdracht van Cipal dv “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTBOS24) is een raamovereenkomst met één leverancier en Cipal dv treedt hierbij op als aankoopcentrale in de zin van artikelen 2,6° en 47 van de wet van 17 juni 2016.

          Het OCMW kan van de mogelijkheid tot afname van de raamovereenkomst via de aankoopcentrale gebruik maken waardoor zij/het krachtens artikel 47, § 2 van de wet van 17 juni 2017 is vrijgesteld van de verplichting om zelf een gunningsprocedure te organiseren.

          Het is aangewezen dat de gemeente gebruik maakt van de aankoopcentrale om volgende redenen:

          • De in de raamovereenkomst voorziene backoffice oplossingen voldoen aan de behoefte van het bestuur;
          • Het bestuur moet zelf geen gunningsprocedure voeren wat een besparing aan tijd en geld betekent;
          • Cipal dv beschikt over knowhow en technische expertise inzake de aankoop van backoffice oplossingen door aanbestedende overheden;

          Het OCMW is niet verplicht tot enige afname van de raamovereenkomst (geen afnameverplichting).

          Besluit

          Artikel 1. Het OCMW Linter doet een beroep op de aankoopcentrale van Cipal dv voor de aankoop van backoffice oplossingen aangeboden via de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTBOS24).

          Artikel 2. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de dienstverlenende vereniging Cipal (Cipal dv).

    • Algemeen beleid

      • Bijzonder comité

        • Kennisname ontslag van een lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst - Martine KINNART

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 103
          Feiten, context en argumenten

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat ontslag wil nemen, deelt dat schriftelijk mee aan de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn.

          Het ontslag is definitief zodra de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn de kennisgeving ontvangt.

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst blijft zijn mandaat uitoefenen tot zijn opvolger is geïnstalleerd, behalve als het ontslag het gevolg is van een onverenigbaarheid.

          Bij schrijven van 18 juni 2026 deelt mevrouw Martine KINNART mee dat zij met ingang van 1 juli 2026 ontslag neemt als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

          In principe moet er niet op formele wijze kennis genomen worden van het ontslag door de raad voor maatschappelijk welzijn.

          Het lijkt echter opportuun dit mee te delen aan de raad voor maatschappelijk welzijn.

          Besluit

          Enig artikel. De raad neemt kennis van het ontslag van mevrouw Martine KINNART als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

        • Verkiezing van een lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst en goedkeuring van de geloofsbrieven

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 92, 95, 96 en 105
          Feiten, context en argumenten

          Ontslag lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat ontslag wil nemen, deelt dat schriftelijk mee aan de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn.

          Het ontslag is definitief zodra de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn de kennisgeving ontvangt.

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat afstand doet van zijn mandaat, van zijn mandaat vervallen wordt verklaard, als verhinderd wordt beschouwd, ontslag heeft genomen of overleden is, wordt vervangen door zijn opvolger.

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst blijft zijn mandaat uitoefenen tot zijn opvolger is geïnstalleerd, behalve als het ontslag het gevolg is van een onverenigbaarheid.

          Bij schrijven van 18 juni 2026 deelt mevrouw Martine KINNART mee dat zij met ingang van 1 juli 2026 ontslag neemt als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

          Akte van voordracht van een lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst

          Het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat afstand doet van zijn mandaat, van zijn mandaat vervallen wordt verklaard, als verhinderd wordt beschouwd, ontslag heeft genomen of overleden is, wordt vervangen door zijn opvolger.

          De akte van voordracht van de kandidaat-leden voor het bijzonder comité voor de sociale dienst, ingediend op 27 november 2024, vermeldt geen opvolgers voor mevrouw Martine KINNART.

          Als het lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst geen opvolger meer heeft, wordt overgegaan tot de verkiezing van een nieuw lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

          Als een lid, voordat zijn mandaat verstreken is, ophoudt deel uit te maken van het bijzonder comité voor de sociale dienst of verhinderd is en als hij geen opvolger of opvolgers meer heeft, kunnen de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn van de lijst of groep van lijsten die het betreffende lid heeft voorgedragen, samen een kandidaat-lid en een of meer kandidaat-opvolgers voordragen.

          De leden en kandidaat-opvolgers van het bijzonder comité voor de sociale dienst worden schriftelijk voorgedragen door de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn op basis van akten van voordracht die voldoen aan al de ontvankelijkheidsvoorwaarden.

          Die voordrachtsakte wordt uiterlijk acht dagen vóór de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn waarop de geloofsbrieven van het nieuwe lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst en de opvolger of opvolgers zullen worden onderzocht, aan de algemeen directeur bezorgd, die een afschrift van de akte aan de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn bezorgt.

          De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn gaat na of de voordrachtsakte ontvankelijk is overeenkomstig de voorwaarden, vermeld in artikel 92, tweede tot en met zevende lid, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

          In voorkomend geval wordt de kandidaat verkozen verklaard en worden de kandidaat-opvolgers aangesteld in de volgorde van hun voordracht. 

          De algemeen directeur ontving op 19 juni 2026 een akte van voordracht van een kandidaat-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst ingediend door de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn van TEAM BURGEMEESTER, waarbij zij mevrouw Gisèle LOYENS voordragen als kandidaat-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

          De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld dat de akte van voordracht van het kandidaat-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 92, tweede tot en met zevende lid, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

          De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn stelt vast dat de akten van voordracht van het kandidaat-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst ontvankelijk is.

          Onderzoek van de geloofsbrieven

          De raad voor maatschappelijk welzijn onderzoekt de geloofsbrieven van het kandidaat-lid.

          De raad voor maatschappelijk welzijn gaat na of het kandidaat-lid voldoet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden en zij zich niet bevindt in een situatie van onverenigbaarheid.

          Mevrouw Gisèle LOYENS heeft een recent uittreksel uit het bevolkings- of rijksregister, een recent uittreksel uit het strafregister, en een verklaring op eer dat zij zich niet bevindt in een van de gevallen van onverenigbaarheid zoals bepaald in artikel 10 en 100 van het decreet over het lokaal bestuur voorgelegd.

          Uit het onderzoek van de geloofsbrieven van mevrouw Gisèle LOYENS blijkt dat zij voldoet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden. Er zijn geen elementen waaruit zou blijken dat de mevrouw Gisèle LOYENS zich in een situatie van onverenigbaarheid bevindt.

          Eedaflegging

          De verkozen leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst van wie de geloofsbrieven door de raad voor maatschappelijk welzijn zijn goedgekeurd, leggen, voor ze hun mandaat aanvaarden, de volgende eed af in handen van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn: "Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.".

          In geval van algehele vernieuwing van het bijzonder comité voor de sociale dienst vindt de eedaflegging plaats tijdens de vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn aansluitend op de installatievergadering van de gemeenteraad. Die eedaflegging vindt plaats in openbare vergadering.

          Elke andere eedaflegging gebeurt alleen ten overstaan van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en in aanwezigheid van de algemeen directeur. Daarvan wordt een proces-verbaal opgemaakt dat ondertekend wordt door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en door de algemeen directeur en dat aan de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst wordt bezorgd.

          Mevrouw Gisèle LOYENS kan uitgenodigd worden om de eed af te leggen als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst, na de zitting van de raad, in handen van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en in aanwezigheid van de algemeen directeur. 

          Besluit

          Artikel 1. De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de ontvankelijkheid van de akte van voordracht van TEAM BURGEMEESTER en verklaart het voorgedragen kandidaat-lid verkozen:

           Naam lijst of groep van lijsten   Naam lid

           Begindatum
           mandaat

           Einddatum
           mandaat
           Naam kandidaat
           opvolger
           TEAM BURGEMEESTER  Gisèle LOYENS   01/07/2026  /  /

          Artikel 2. De raad keurt de geloofsbrieven van mevrouw Gisèle LOYENS goed.

          Artikel 3. Mevrouw Gisèle LOYENS wordt uitgenodigd om de eed af te leggen als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst, na de zitting van de raad, in handen van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en in aanwezigheid van de algemeen directeur.

    • Financiën

      • Jaarrekening

        • Jaarrekening 2025

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 78, 249, 260, 261 en 262
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, in het bijzonder artikelen 17 tot en met 28
          • Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen
          Feiten, context en argumenten

          Nadat de rekeningen van de boekhouding in overeenstemming zijn gebracht met de gegevens van de inventaris van al de bezittingen, rechten, vorderingen, schulden en verplichtingen, van welke aard ook, van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, worden ze samengevat opgenomen in het ontwerp van de jaarrekening.

          De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.

          Het ontwerp van jaarrekening wordt op zijn minst veertien dagen voor de vergadering waarop het wordt besproken aan ieder lid van de raad bezorgd. Het ontwerp van jaarrekening over het boekjaar 2025, en de daarbij horende stukken, werden op 16 juni 2026 ter beschikking gesteld van de raadsleden.

          De gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn hebben een geïntegreerde jaarrekening, maar hebben hun eigen bevoegdheid voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van jaarrekening vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de jaarrekening dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de jaarrekening in zijn geheel definitief is vastgesteld.

          Besluit

          Enig artikel. De raad voor maatschappelijk welzijn stelt zijn deel van de jaarrekening over het boekjaar 2025 vast.

    • Varia

      • Varia

        • Mondelinge vragen raadsleden

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 31 en 74
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn dd. 28 januari 2019 houdende goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn van Linter, in het bijzonder artikel 11
          Feiten, context en argumenten

          Na afhandeling van de agenda van de openbare vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen de raadsleden mondelinge vragen stellen over aangelegenheden van het OCMW, die niet op de agenda van de raad voor maatschappelijk welzijn staan. Op deze mondelinge vragen wordt ten laatste tijdens de volgende zitting geantwoord.

          Mondelinge vragen zijn vragen om uitleg of verduidelijking van aangelegenheden van het OCMW, het bestuur van het OCMW, of zaken die betrekking hebben op de taken uitgeoefend door vast bureau of de voorzitter van het vast bureau. Ze mogen geen betrekking hebben op particuliere aangelegenheden of persoonlijke gevallen. Ze mogen niet bedoeld zijn om de persoonlijke intenties van de leden van het vast bureau te kennen, om een debat uit te lokken, of aanleiding te geven tot enig besluit. In geen geval wordt een uitvoerig debat over de gestelde mondelinge vraag gevoerd in de raad. Hiertoe is vereist dat het onderwerp als agendapunt is vermeld. De vragen beperken zich tot het inwinnen van informatie.

          Besluit

          De raad neemt kennis van de mondelinge vragen van de raadsleden.