Terug
Gepubliceerd op 03/07/2026

Notulen  Gemeenteraad

di 30/06/2026 - 20:00 raadzaal
Aanwezig: Jonas Michiels, Voorzitter
Marc Wijnants, Burgemeester
Linda Verdeyen, Andy Vandevelde, Sandra Schoovaerts, Patrick Poffé, Schepenen
Martine Jacobs, Stef Goris, Ludo Pluymers, Bettina Sandermans, Kim Soetaers, Patrick Niclaes, Kris Schuyten, Wim Grauwels, Erna Arron, Tibo Bergé, Ellen Vanherwegen, Gemeenteraadsleden
Rina Janssens, Algemeen Directeur
Verontschuldigd: Helga Delvaux, Joeri Dewelde, Gemeenteraadsleden
  • Openbaar

    • Interne zaken

      • Secretariaat

        • Notulen en audioverslag vorige vergadering

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 32, 277 §1 en 278 §1
          • Besluit van de gemeenteraad van 26 januari 2026 betreffende het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad
          Feiten, context en argumenten

          De notulen en het audioverslag van de vergadering van de gemeenteraad van 26 mei 2026 werden acht dagen vóór de vergadering van de gemeenteraad ter beschikking gesteld van de gemeenteraadsleden.

          Elk lid van de gemeenteraad heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast.

          Besluit

          Enig artikel. De gemeenteraad keurt de notulen van de vergadering van de gemeenteraad van 26 mei 2026 goed en neemt kennis van het audioverslag.

      • Overheidsopdrachten

        • Toetreding tot de raamovereenkomst van de dienstverlenende vereniging Cipal (C-Smart) als aankoopcentrale voor afname van de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” – Bestek nr. CSMRTBOS24

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 30- 41, tweede lid, 10°
          • Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, in het bijzonder artikelen 2, 6°, 43, § 1, tweede lid en 47
          • Besluit van de gemeenteraad van 28 maart 2022 houdende de toetreding tot de dienstverlenende vereniging Cipal
          • Principiële beslissing van de raad van bestuur van Cipal dv van 27 april 2023 tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “Verwerving van licenties, gebruiksrechten, Cloud abonnementen en/of onderhouds- en /of ondersteuningsprogramma’s m.b.t. bepaalde backoffice oplossingen voor financiën en personeel aangevuld met oplossingen voor het aanleveren van beleidsinformatie”
          Feiten, context en argumenten

          De raad van bestuur van Cipal dv besloot op 27 april 2023 principieel tot gunning via een openbare procedure van de overheidsopdracht waarvan het voorwerp bestaat uit “Verwerving van licenties, gebruiksrechten, Cloud abonnementen en/of onderhouds- en /of ondersteuningsprogramma’s m.b.t. bepaalde backoffice oplossingen voor financiën en personeel aangevuld met oplossingen voor het aanleveren van beleidsinformatie”.

          Gelet op de in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten, inzonderheid:

          • het selectiedocument waar het stelt (punt II.7): “Cipal dv zal in de zin van artikel 2, 6° van de Wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, in het kader van onderhavige opdracht kunnen optreden als aankoopcentrale voor alle deelnemers in de dienstverlenende vereniging Cipal. Deze besturen zullen zich, net als hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten en Vlaamse politie- en brandweerzones, hulpverlenings- en eerstelijnszones op de aankoopcentrale kunnen beroepen om een totaaloplossing in het kader van de te sluiten raamovereenkomst die het voorwerp uitmaakt van deze opdracht, af te nemen, zonder dat zij verplicht zijn af te nemen via deze raamovereenkomst. (…) Cipal dv zal in het kader van onderhavige opdracht tevens kunnen optreden als aankoopcentrale voor (zonder dat deze entiteiten verplicht zijn af te nemen via deze Raamovereenkomst): Alle andere Vlaamse gemeente- en OCMW-besturen, hun verenigingen en verzelfstandigde entiteiten;
          • het bestek waar het stelt (punt II.5): “Cipal dv oefent de overkoepelende leiding van en het overkoepelende toezicht op de uitvoering van de raamovereenkomst uit, terwijl de afnemer de leiding van en het toezicht op de levering van de door de afnemer geplaatste bestelling uitoefent.”
          • het bestek waar het stelt (punt II.6): “Gezien de raamovereenkomst niet exclusief is, behoudt de opdrachtgever - net als elke andere afnemer - steeds de vrijheid om een bepaalde aankoop niet via het raamcontract maar volgens de gewone procedures, die de wet op de overheidsopdrachten toelaat, te voeren.”;

          Op basis van de in uitvoering van deze beslissing door de raad van bestuur van Cipal dv goedgekeurde opdrachtdocumenten besloot de raad van bestuur van Cipal dv op 23 januari 2025 voornoemde opdracht te gunnen aan Cipal Schaubroeck nv met zetel te Cipalstraat 3, 2440 Geel. 

          De voornoemde opdracht van Cipal dv “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTBOS24) is een raamovereenkomst met één leverancier en Cipal dv treedt hierbij op als aankoopcentrale in de zin van artikelen 2,6° en 47 van de wet van 17 juni 2016.

          De gemeente kan van de mogelijkheid tot afname van de raamovereenkomst via de aankoopcentrale gebruik maken waardoor zij/het krachtens artikel 47, § 2 van de wet van 17 juni 2017 is vrijgesteld van de verplichting om zelf een gunningsprocedure te organiseren.

          Het is aangewezen dat de gemeente gebruik maakt van de aankoopcentrale om volgende redenen:

          • De in de raamovereenkomst voorziene backoffice oplossingen voldoen aan de behoefte van het bestuur;
          • Het bestuur moet zelf geen gunningsprocedure voeren wat een besparing aan tijd en geld betekent;
          • Cipal dv beschikt over knowhow en technische expertise inzake de aankoop van backoffice oplossingen door aanbestedende overheden;

          De gemeente is niet verplicht tot enige afname van de raamovereenkomst (geen afnameverplichting).

          Besluit

          Artikel 1. De gemeente doet een beroep op de aankoopcentrale van Cipal dv voor de aankoop van backoffice oplossingen aangeboden via de raamovereenkomst “Raamovereenkomst voor het leveren en implementeren van bepaalde backoffice oplossingen (financiën en personeel) met dienstverlening” (Bestek nr. CSMRTBOS24).

          Artikel 2. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de dienstverlenende vereniging Cipal (Cipal dv).

    • Algemeen beleid

      • Intergemeentelijke en andere samenwerkingsverbanden

        • Verslag door de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergaderingen van intergemeentelijke samenwerkingsverbanden

          Feiten, context en argumenten

          De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergaderingen van onderstaande dienstverlenende en opdrachthoudende verenigingen brengen verslag uit bij de gemeenteraad:

          • CREADIV NV - Algemene vergadering van 8 mei 2026
          • Poolstok – Algemene vergadering van 29 mei 2026
          • KANVAZ BV - Gewone algemene vergadering van 3 juni 2026
          • Fluvius OV - Algemene vergadering van 3 juni 2026
          • EthiasCo - Algemene vergadering van 11 juni 2026
          • De Watergroep - algemene vergadering van 12 juni 2026
          • Creat Services dv - Algemene vergadering van 16 juni 2026
          • Interleuven - Algemene vergadering van 17 juni 2026
          • Fluvius Zenne-Dijle - Algemene vergadering van 18 juni 2026
          • Riobra - Algemene vergadering van 23 juni 2026
          • EcoWerf - Algemene vergadering van 24 juni 2026
          • Cipal dv (C-smart) - Algemene vergadering van 25 juni 2026
          • IGO div - Algemene vergadering van 26 juni 2026
          Besluit

          Enig artikel. De raad neemt kennis van het verslag van de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergaderingen van onderstaande intergemeentelijke samenwerkingsverbanden:

          • CREADIV NV - Algemene vergadering van 8 mei 2026
          • Poolstok – Algemene vergadering van 29 mei 2026
          • KANVAZ BV - Gewone algemene vergadering van 3 juni 2026
          • Fluvius OV - Algemene vergadering van 3 juni 2026
          • EthiasCo - Algemene vergadering van 11 juni 2026
          • De Watergroep - algemene vergadering van 12 juni 2026
          • Creat Services dv - Algemene vergadering van 16 juni 2026
          • Interleuven - Algemene vergadering van 17 juni 2026
          • Fluvius Zenne-Dijle - Algemene vergadering van 18 juni 2026
          • Riobra - Algemene vergadering van 23 juni 2026
          • EcoWerf - Algemene vergadering van 24 juni 2026
          • Cipal dv (C-smart) - Algemene vergadering van 25 juni 2026
          • IGO div - Algemene vergadering van 26 juni 2026
        • Rapportageverslagen van het Burgemeestersoverleg regionale samenwerking Oost-Brabant

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40 en 41
          • Regiodecreet van 3 februari 2023, meer bepaald artikel 8
          Feiten, context en argumenten

          De 30 burgemeesters van Oost-Brabant overleggen op regelmatige basis over de uitdagingen waar onze regio voor staat. In het burgemeestersoverleg rond regionale samenwerking bespreken de lokale besturen verschillende beleidskwesties. Zo komen onder meer het mobiliteitsvraagstuk in de regio, ruimtelijke ordening en wonen regelmatig aan bod.

          De burgemeesters willen zaken die voor de ganse regio van belang zijn, gezamenlijk, en over alle partijgrenzen heen, verdedigen bij de Vlaamse en de federale overheid. Ze willen op die manier de stem van onze regio beter laten horen. Door dit overleg kunnen ook de plannen van de steden en gemeenten beter op elkaar afgestemd worden.

          Het Regiodecreet van 3 februari 2023 voorziet dat de voorzitter van de gemeenteraad de regiowerking minstens twee keer per jaar inschrijft op de agenda van de gemeenteraad.

          De raad wordt gevraagd kennis te nemen van de rapportageverslagen van de vergaderingen van het Burgemeestersoverleg.

          Besluit

          Enig artikel. De raad neemt kennis van de rapportageverslagen van de vergaderingen van het Burgemeestersoverleg van 26 september 2025, 27 februari 2026 en 24 april 2026.

    • Financiën

      • Jaarrekening

        • Jaarrekening 2025

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 41, 249, 260, 261 en 262
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, in het bijzonder artikelen 17 tot en met 28
          • Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen
          • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 juni 2026 betreffende de jaarrekening 2025
          Feiten, context en argumenten

          Nadat de rekeningen van de boekhouding in overeenstemming zijn gebracht met de gegevens van de inventaris van al de bezittingen, rechten, vorderingen, schulden en verplichtingen, van welke aard ook, van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, worden ze samengevat opgenomen in het ontwerp van de jaarrekening.

          De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.

          Het ontwerp van jaarrekening wordt op zijn minst veertien dagen voor de vergadering waarop het wordt besproken aan ieder lid van de raad bezorgd. Het ontwerp van jaarrekening over het boekjaar 2025, en de daarbij horende stukken, werden op 16 juni 2026 ter beschikking gesteld van de raadsleden.

          De gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn hebben een geïntegreerde jaarrekening, maar hebben hun eigen bevoegdheid voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van jaarrekening vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de jaarrekening dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de jaarrekening in zijn geheel definitief is vastgesteld.

          Besluit

          Artikel 1. De gemeenteraad stelt zijn deel van de jaarrekening over het boekjaar 2025 vast.

          Artikel 2. De gemeenteraad keurt het deel van de jaarrekening over het boekjaar 2025 zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed, en stelt daarmee de jaarrekening over het boekjaar 2025 in zijn geheel definitief vast.

    • Omgeving en Wonen

      • Woonbeleid

        • Beter Wonen aan de Gete - Activiteitenverslag werkingsjaar 2025

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 40 en 41
          • Besluit van de gemeenteraad van 29 september 2025 houdende de aanpassing van de statuten van de interlokale vereniging 'Beter Wonen aan de Gete'
          Feiten, context en argumenten

          Artikel 11 van de statuten van de interlokale vereniging ‘Beter Wonen aan de Gete’ bepaalt dat het beheerscomité een activiteitenverslag goedkeurt en ter kennisgeving voorlegt aan de raden van de deelnemende gemeenten.

          Het beheerscomité van ‘Beter Wonen aan de Gete’ heeft op 27 maart 2026 een activiteitenverslag over het werkingsjaar 2025 goedgekeurd.

          Het activiteitenverslag van ‘Beter Wonen aan de Gete’ over het werkingsjaar 2025 wordt ter kennisgeving voorgelegd aan de gemeenteraad.

          Besluit

          Enig artikel. De raad neemt kennis van het activiteitenverslag van 'Beter Wonen aan de Gete' over het werkingsjaar 2025.

        • Beter Wonen aan de Gete – Financieel jaarverslag werkingsjaar 2025

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 40 en 41
          • Besluit van de gemeenteraad van 29 september 2025 houdende de aanpassing van de statuten van de interlokale vereniging 'Beter Wonen aan de Gete'
          Feiten, context en argumenten

          Artikel 11 van de statuten van de interlokale vereniging 'Beter Wonen aan de Gete' bepalen dat het beheerscomité een jaarrekening voorlopig vaststelt en ter goedkeuring voorlegt aan de raden van de deelnemende gemeente.

          Het beheerscomité van 'Beter Wonen aan de Gete' heeft op 29 mei 2026 een financieel jaarverslag over het werkingsjaar 2025 vastgesteld.

          De gemeentelijke bijdrage over het werkingsjaar 2025 bedraagt € 51.226,16.

          Het financieel jaarverslag van 'Beter Wonen aan de Gete' over het werkingsjaar 2025 wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

          Besluit

          Enig artikel. De raad hecht zijn goedkeuring aan het financieel jaarverslag van 'Beter Wonen aan de Gete' over het werkingsjaar 2025.

    • Leven en welzijn

      • Onderwijs

        • Gemeentelijke basisschool De Zandloper - Schoolwerkplan

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikelen 40 en 41
          • Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997, in het bijzonder artikelen 27, 28, 33, 37, 54 en 172 quinquies
          • Decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad, inzonderheid artikel 21
          • Decreet van 18 april 2018 betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding
          • Besluit van de gemeenteraad van 16 september 2024 houdende goedkeuring van het schoolwerkplan
          • Besluit van de gemeenteraad van 30 juni 2025 houdende goedkeuring van het schoolwerkplan
          Feiten, context en argumenten

          Elk schoolbestuur moet voor zijn basisschool een schoolwerkplan opstellen dat onder meer de betrekkingen tussen het schoolbestuur en de ouders en de leerlingen regelt.

          De gemeenteraad heeft in zitting van 30 juni 2025 het schoolwerkplan voor de gemeentelijke basisschool De Zandloper goedgekeurd. Het schoolwerkplan bestaat uit:

          • de beginselverklaring neutraliteit;
          • het pedagogisch project;
          • het schoolreglement;
          • de infobrochure.

          Naar aanleiding van het schooljaar 2026-2027 dienen een aantal aanpassingen en actualisaties doorgevoerd te worden aan het schoolreglement en de infobrochure.

          Aan de raad wordt een ontwerp van schoolwerkplan, bestaande uit de beginselverklaring neutraliteit, het pedagogisch project, het schoolreglement en de infobrochure, ter goedkeuring voorgelegd.

          De schoolraad bracht op 27 mei 2026 een gunstig advies uit over het ontwerp van schoolwerkplan.

          Besluit

          Artikel 1. Het besluit van de gemeenteraad van 30 juni 2025 houdende de goedkeuring van het schoolwerkplan wordt opgeheven.

          Artikel 2. De raad hecht zijn goedkeuring aan het schoolwerkplan van de gemeentelijke basisschool De Zandloper, bestaande uit de beginselverklaring neutraliteit, het pedagogisch project, het schoolreglement en de infobrochure, mits aanpassing van § 6 Betalingen. De wijziging gaat als volgt: 

          "Binnen de 30 dagen na facturatie moeten alle verschuldigde bijdragen betaald worden via overschrijving met vermelding van het OGM-nummer (mededeling overschrijving). Er is ook mogelijkheid tot domiciliëring."

          Artikel 3. Afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de directeur van de gemeentelijke basisschool De Zandloper. Het schoolwerkplan wordt bij elke inschrijving van een leerling en nadien bij elke wijziging, ter beschikking gesteld (op papier of via een elektronische drager) aan de ouders, die ondertekenen voor akkoord.

        • Gemeentelijke Basisschool De Zandloper - Aanwending van het lestijdenpakket voor het schooljaar 2026-2027

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur
          • Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997
          • Decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad, inzonderheid artikel 21
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 17 juni 1997 betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 5 december 2003 betreffende ICT-coördinatie in het onderwijs
          • Omzendbrief BaO/98/5 betreffende het werkingsbudget in het basisonderwijs
          • Omzendbrief BaO/2005/09 van 29 juni 2005 betreffende de personeelsformatie scholen in het gewoon basisonderwijs
          Feiten, context en argumenten

          De aanwending van het lestijdenpakket voor het schooljaar 2026-2027 van de gemeentelijke basisschool De Zandloper dient vastgesteld te worden.

          Onderstaande aanwending van het lestijdenpakket wordt voorgesteld:

          • Kleuteronderwijs: 146 lestijden + 12 lestijden SES
          • Lager onderwijs: 224 lestijden + 20 lestijden SES 
          • Levensbeschouwelijke vakken - Godsdienst: 12 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - zedenleer: 12 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - Islamitische godsdienst: 10 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - Protestantse godsdienst: 4 lestijden
          • Aanvangsbegeleiding: 4 lestijden
          • Ondersteuning kerntaak: 4 lestijden
          • Samen school maken: 1 lestijd
          • Kinderverzorging: 17 lestijden
          • ICT-coördinatie: 21 punten
          • Administratieve ondersteuning: 82 punten
          • Zorg: 64 punten
          • Stimulus scholengemeenschap: 15 punten

          De schoolraad bracht op 27 mei 2026 een gunstig advies uit over het voorstel van aanwending van het lestijdenpakket voor het schooljaar 2026-2027.

          Besluit

          Artikel 1. Het lestijdenpakket voor het schooljaar 2026-2027 in het gemeentelijk basisonderwijs wordt vastgelegd als volgt:

          • Kleuteronderwijs: 146 lestijden + 12 lestijden SES
          • Lager onderwijs: 224 lestijden + 20 lestijden SES 
          • Levensbeschouwelijke vakken - Godsdienst: 12 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - zedenleer: 12 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - Islamitische godsdienst: 10 lestijden
          • Levensbeschouwelijke vakken - Protestantse godsdienst: 4 lestijden
          • Aanvangsbegeleiding: 4 lestijden
          • Ondersteuning kerntaak: 4 lestijden
          • Samen school maken: 1 lestijd
          • Kinderverzorging: 17 lestijden
          • ICT-coördinatie: 21 punten
          • Administratieve ondersteuning: 82 punten
          • Zorg: 64 punten
          • Stimulus scholengemeenschap: 15 punten

          Artikel 2. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de directeur van de gemeentelijke basisschool De Zandloper.

        • Gemeentelijke Basisschool De Zandloper - Vaststelling vakanties en vrije dagen schooljaar 2026-2027

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder de artikelen 40 en 41
          • Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997
          • Decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad, inzonderheid artikel 21
          • Omzendbrief betreffende de vakantieregeling in het basis- en secundair onderwijs, georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap
          Feiten, context en argumenten

          De vakanties en vrije dagen voor het schooljaar 2026-2027 dienen vastgesteld te worden. De verlofkalender houdt rekening met de gangbare feestdagen, de verlofkalenders van de andere scholen en de lokale feestelijkheden

          Onderstaande vastlegging van vakanties en vrije dagen wordt voorgesteld:

          Pedagogische studiedagen 2026-2027:

          • 19 oktober 2026
          • 20 januari 2027

          Jaarlijkse schoolvakanties 2026-2027:

          • Herfstvakantie: van 2 november 2026 tot en met 8 november 2026
          • Wapenstilstand: 11 november 2026
          • Kerstvakantie: van 21 december 2026 tot en met 3 januari 2027
          • Krokusvakantie: van 8 februari 2027 tot en met 14 februari 2027
          • Paasvakantie: van 29 maart 2027 tot en met 11 april 2027
          • Dag van de arbeid: 1 mei 2027
          • Hemelvaart: 6 mei 2027 en 7 mei 2027
          • Pinkstermaandag: 17 mei 2027

          De schoolraad bracht op 27 mei 2026 een gunstig advies uit over het voorstel van vakanties en vrije dagen voor het schooljaar 2026-2027.

          Besluit

          Artikel 1. De vakanties en vrije dagen van de gemeentelijke basisschool De Zandloper worden voor het schooljaar 2026-2027 als volgt vastgesteld:

          Pedagogische studiedagen 2026-2027:

          • 19 oktober 2026
          • 20 januari 2027

          Jaarlijkse schoolvakanties 2026-2027:

          • Herfstvakantie: van 2 november 2026 tot en met 8 november 2026
          • Wapenstilstand: 11 november 2026
          • Kerstvakantie: van 21 december 2026 tot en met 3 januari 2027
          • Krokusvakantie: van 8 februari 2027 tot en met 14 februari 2027
          • Paasvakantie: van 29 maart 2027 tot en met 11 april 2027
          • Dag van de arbeid: 1 mei 2027
          • Hemelvaart: 6 mei 2027 en 7 mei 2027
          • Pinkstermaandag: 17 mei 2027

          Artikel 2. Afschrift van dit besluit zal worden overgemaakt aan de schooldirecteur. De lijst met de vakanties en vrije dagen dient door de directeur van de gemeentelijke basisschool De Zandloper te worden meegedeeld aan:

          • het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming;
          • de personeelsleden van de gemeenteschool;
          • de ouders van de leerlingen of de persoon die de leerling in rechte of in feite onder zijn bewaring heeft.
      • Kinderopvang

        • Samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Linter en vzw Ferm Kinderopvang voor de organisatie van buitenschoolse kinderopvang (DAEB)

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40 en 41
          • Besluit 2012/21/EU van de Europese Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen
          • Besluit van de gemeenteraad van 30 maart 2026 inzake de leidraad marktbevraging inzake de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang
          • Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 1 juni 2026 inzake het voorstel van toewijzing van de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang in de gemeente Linter op basis van een marktbevraging
          Feiten, context en argumenten

          Het meerjarenplan 2026-2031 (AC-04-3-02) voorziet dat het lokaal bestuur een regierol opneemt in het kader van het BOA-decreet en samenwerkt met scholen, opvanginitiatieven en vrijetijdspartners aan een visie op buitenschoolse opvang en activiteiten. Het voorziet eveneens dat het lokaal bestuur investeert in kwaliteitsvolle buitenschoolse kinderopvang en activiteiten, met specifieke aandacht voor kleuters en kwetsbare gezinnen.

          Buitenschoolse opvang en activiteiten dient het algemeen belang, wat maakt dat BOA onder de DAEB-regelgeving (diensten van algemeen economisch belang) valt.

          De gemeenteraad heeft in zitting van 30 maart 2026 zijn goedkeuring gehecht aan het erkenningskader buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) en aan de leidraad marktbevraging inzake de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang.

          In het kader van de marktbevraging inzake de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang werden volgende organisaties op 2 april 2026 uitgenodigd om een voorstel in te dienen:

          • Ferm Kinderopvang vzw, Remylaan 4B te 3018 Wijgmaal;
          • Infano vzw, Keizerstraat 35A te 1740 Ternat;
          • Helan Kinderopvang, Boomsesteenweg 5 te 2610 Wilrijk;
          • IGO, De Vunt 17 te 3220 Homsbeek.

          Er werd één kandidatuur ontvangen van Ferm Kinderopvang vzw, Remylaan 4B te 3018 Wijgmaal.

          Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 1 juni 2026 beslist om, op basis van de beoordeling van de ingediende kandidatuur in het kader van de marktbevraging, aan de gemeenteraad voor te stellen om de opdracht voor de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang in de gemeente Linter toe te wijzen aan Ferm Kinderopvang vzw, Remylaan 4B te 3018 Wijgmaal, voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2036.

          Het is wenselijk deze werking te ondersteunen via een subsidie om een kwaliteitsvol, toegankelijk en afgestemd BOA-aanbod te waarborgen.

          Deze subsidie kadert binnen de uitvoering van een dienst van algemeen economisch belang (DAEB), waarbij het lokaal bestuur een publieke opdracht van maatschappelijk belang ondersteunt via financiële compensatie.

          De financiering van deze werking gebeurt via een combinatie van een initiële BOA-subsidie en, indien noodzakelijk, een aanvullende compensatie op basis van de werkelijke nettokosten van de dienstverlening. Deze middelen vormen samen de compensatie voor de uitvoering van de dienst van algemeen economisch belang.

          Besluit

          Artikel 1. De gemeente Linter belast de vzw Ferm Kinderopvang, Remylaan 4B te 3018 Wijgmaal, met de hierna omschreven dienst van algemeen economisch belang op haar grondgebied van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2036.

          Artikel 2. De dienst van algemeen economisch belang omvat de organisatie en het beheer van onderstaande buitenschoolse kinderopvanglocaties: 

          • BKO Neerlinter, Grote Steenweg 66A te 3350 Linter;
          • BKO Wommersom, Zandstraat 14 te 3350 Linter

          Artikel 3. De gemeente Linter voorziet in een financiering van de in artikel 2 vernoemde dienst van algemeen economisch belang. In de loop van september, zal vzw Ferm Kinderopvang een prognose opmaken van de kosten en opbrengsten. De gemeente Linter zal ten laatst de 15de van de eerste maand van elk kwartaal een kwartaalvoorschot ten belope van 25% van het saldo van de prognose betalen aan vzw Ferm Kinderopvang. Uiterlijk tegen eind maart van het jaar volgend op het werkingsjaar zal de gemeente Linter het saldo van de afrekening minus het reeds betaalde voorschot betalen aan vzw Ferm Kinderopvang.

          De financiering van de dienstverlening gebeurt met toepassing van Besluit 2012/21/EU van de EU Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. 

          Artikel 4. De gemeente voert jaarlijks controles uit op de compensatieregeling. In het geval van een eventuele overcompensatie, vordert de gemeente het overschot terug.

          Artikel 5. Indien vzw Ferm Kinderopvang ook activiteiten verricht die buiten de dienst van algemeen economisch belang vallen, is zij verplicht een gescheiden boekhouding bij te houden.

          Artikel 6. De verdere modaliteiten worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.

          Artikel 7. De raad hecht zijn goedkeuring aan de samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Linter en de vzw Ferm Kinderopvang, dewelke als bijlage integraal deel uitmaakt van dit besluit.

          Artikel 8. De voorzitter van de raad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de overeenkomst namens de gemeente Linter te ondertekenen. 

    • Openbare orde, rust en veiligheid

      • Verkeersveiligheid

        • Gemeentelijk aanvullend politiereglement op het wegverkeer - Wegen voorbehouden voor landbouwvoertuigen, voetgangers, fietsers en ruiters in het 'binnengebied'

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 286 en titel 7 over het bestuurlijk toezicht
          • Wet betreffende de politie op het wegverkeer, gecoördineerd op 16 maart 1968
          • Koninklijk besluit van 1 december 1975 inzake het algemeen reglement van de politie op het wegverkeer
          • Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald
          • Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens
          • Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen en de plaatsing en bekostiging van verkeerstekens
          • Omzendbrief van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer
          Feiten, context en argumenten

          De gemeente Linter wil werk maken van één duidelijke en uniforme verkeersregeling voor haar volledige grondgebied, en in het bijzonder voor het zogenaamde ‘binnengebied’.

          Onder dit ‘binnengebied’ worden de overwegend agrarische zones verstaan die in hoofdzaak gebruikt worden voor landbouw en recreatie. Het gaat om wegen die vandaag vaak gebruikt worden als sluiproute door doorgaand verkeer, hoewel ze hier eigenlijk niet voor bedoeld zijn.

          Dit doorgaand verkeer zorgt voor verschillende problemen: recreanten (voetgangers, fietsers en ruiters) ervaren hinder en voelen zich minder veilig, er ontstaan conflicten tussen verschillende weggebruikers en de aanwezigheid van gemotoriseerd verkeer is niet afgestemd op het karakter van deze rustige gebieden.

          Om deze reden wil de gemeente het doorgaand verkeer in deze zones weren en het gebruik van deze wegen beperken tot zachte weggebruikers en lokaal of functioneel verkeer, zoals landbouwvoertuigen, bewoners en hun bezoekers, leveranciers, afvalophaling en voertuigen voor toezicht, onderhoud en prioritaire opdrachten.

          Deze maatregel wordt concreet uitgevoerd door het plaatsen van verkeersborden F99c aan het begin van de betrokken trajecten en F101c op het einde ervan. De wegen waarop dit van toepassing is, zijn aangeduid op de kaart in bijlage met rode arcering. Bestaande verkeersborden C3 of F99c worden waar nodig vervangen of afgestemd op deze nieuwe regeling.

          Binnen deze zones geldt bovendien een maximumsnelheid van 30 km/u en wordt van alle toegelaten weggebruikers verwacht dat zij bijzondere voorzichtigheid aan de dag leggen, met extra aandacht van bestuurders van landbouwvoertuigen ten opzichte van voetgangers, fietsers en ruiters.

          Aangezien verschillende van deze wegen doorlopen over de gemeentegrenzen heen, werd eveneens advies gevraagd aan de betrokken buurgemeenten om te komen tot een afgestemde en coherente aanpak. Eveneens werd het advies van andere belanghebbende instanties gevraagd.

          Overzicht ontvangen adviezen:

          • Gemeente Kortenaken: Geen opmerkingen
          • Stad Tienen: Geen bezwaar
          • Stad Landen: Positief advies
          • Stad Zoutleeuw:
          • Hulpverleningszone Oost: Geen bezwaar
          • Provincie Vlaams-Brabant: Verzoek om 'Groen Spoor' niet te voorzien van een F99c maar C3 met onderbord fietsers & speedpedelecs (reeds de bestaande toestand). Wijst bijkomend dat vanaf 2044 de borden F99c vervangen dienen te worden door borden R9 (in werking vanaf 1 juni 2027 - nieuwe wegcode)

          Het voorstel komt de verkeersveiligheid ten goede.

          De maatregel betreft meerdere gemeentewegen.

          Het is noodzakelijk hiervoor een gemeentelijk aanvullend politiereglement goed te keuren.

          Besluit

          Artikel 1. De wegen in het rood aangeduid op de kaart in bijlage, dewelke integraal deel uitmaakt van deze verordening, worden duidelijk afgebakend door de aanvang van het traject te signaleren met het verkeersbord F99c en het einde van het traject met het verkeersbord F101c. 

          De volgende weggebruikers hebben toegang tot de wegen aangeduid met het verkeersbord F99c: 

          • Voetgangers;
          • Fietsers en bestuurders van speed pedelecs;
          • Ruiters;
          • Landbouwvoertuigen; 
          • Prioritaire voertuigen wanneer de aard van hun opdracht het rechtvaardigt;
          • Voertuigen voor toezicht, controle en onderhoud;
          • Voertuigen van aanwonenden en hun leveranciers en bezoekers;
          • Voertuigen voor het weghalen van vuilnis.

          De weggebruikers vermeld hierboven moeten bijzondere voorzichtigheid aan de dag leggen ten opzichte van elkaar.

          De maximumsnelheid op deze wegen is beperkt tot 30 km/u.

          Bestuurders van landbouwvoertuigen moeten de nodige voorzichtigheid in acht nemen bij het passeren van voetgangers, fietsers, en ruiters. 

          Alle andere motorvoertuigen dan landbouwvoertuigen zijn op deze wegen verboden.

          Artikel 2. Deze verordening wordt voor goedkeuring overgemaakt aan het Vlaams Huis voor de Verkeersveiligheid.

      • Openbare orde en veiligheid

        • Aanwijzing provinciale ambtenaar voor het opleggen van gemeentelijke administratieve geldboetes, voor het opleggen van gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen bedoeld in artikel 3, 3° van de Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties en in verband met de administratieve afhandeling van beperkte snelheidsovertredingen

          Juridische overwegingen
          • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40 en 41
          • Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, in het bijzonder artikelen 3, 6, §§2 en 3
          • Wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, artikel 29 quater 
          • Koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de nadere voorwaarden en het model van het protocolakkoord in de uitvoering van artikel 23 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
          • Koninklijk Besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de kwalificatie- en onafhankelijkheidsvoorwaarden van de ambtenaar belast met de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, artikelen 1, §2 en 2, §1
          • Koninklijk besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen bedoeld in artikel 3,3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties;
          • Besluit van de provincieraad van Vlaams-Brabant van 17 juni 2025 waarbij Sabine BRIJS en Aurélie VAN MEENSEL als provinciaal sanctionerend ambtenaar wordt aangesteld
          • Besluit van de gemeenteraad van 25 maart 2019 inzake goedkeuring Politieverordening betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen
          • Besluit van de gemeenteraad van 28 oktober 2019 inzake GAS - Akkoord tussen de provincie Vlaams-Brabant en de gemeente Linter betreffende de grootte van de vergoeding en de wijze van betaling in verband met de administratieve afhandeling van de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen
          Feiten, context en argumenten

          De gemeenteraad heeft in zitting van 25 maart 2019 zijn goedkeuring gehecht aan de politieverordening betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen, en aan een protocolakkoord tussen de gemeente Linter en het parket over overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen.
          In uitvoering van deze beslissing heeft de gemeenteraad in zitting van 28 oktober 2019 een akkoord goedgekeurd tussen de gemeente Linter en de provincie Vlaams-Brabant betreffende de grootte van de vergoeding en de wijze van betaling in verband met de administratieve afhandeling van de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen.
          De provincie heeft aldus een dienstverlenende opdracht naar de gemeenten toe en kan ambtenaren ter beschikking stellen.
          De Procureur des Konings te Leuven bracht op 18 mei 2026 positief advies uit omtrent de aanstelling van Gunther Roesems als sanctionerend ambtenaar. De Procureur des Konings te Halle-Vilvoorde bracht op 18 mei 2026 omtrent de aanstelling van Gunther Roesems als sanctionerend ambtenaar. De provincieraad van Vlaams-Brabant heeft in zitting van 2 juni 2026 Gunther Roesems aangesteld als provinciaal sanctionerend ambtenaar.
          De Procureur des Konings te Leuven bracht op 18 mei 2026 positief advies uit omtrent de aanstelling van An Braeken als sanctionerend ambtenaar. De Procureur des Konings te Halle-Vilvoorde bracht op 18 mei 2026 positief advies uit omtrent de aanstelling van An Braeken als sanctionerend ambtenaar. De provincieraad van Vlaams-Brabant heeft in zitting van 2 juni 2026 An Braeken aangesteld als provinciaal sanctionerend ambtenaar.
          De kandidaten die worden voorgesteld hebben de opleiding als sanctionerend ambtenaar gevolgd en zijn hiervoor geslaagd. Zij voldoen voor het overige aan de aanstellingsvoorwaarden zoals omschreven in het koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de kwalificatie- en onafhankelijkheidsvoorwaarden van de ambtenaar belast met de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

          Overwegende dat de provincie een dienstverlenende opdracht heeft naar de gemeenten toe en zij een ambtenaar ter beschikking kan stellen;

          Overwegende dat de procedure enige juridische kennis vereist enerzijds en anderzijds een afwikkeling op provinciaal niveau een eenvormige en neutrale beoordeling waarborgt;

          Overwegende dat het wenselijk is een provinciaal ambtenaar te belasten met het opleggen van de gemeentelijke administratieve geldboetes omdat enerzijds er in de gemeente geen geschikte ambtenaar is en anderzijds dergelijk personeelslid meer expertise kan ontwikkelen;

          Overwegende dat het lokaal bestuur beroep wenst te doen op de provinciale dienstverlening inzake  beperkte snelheidsovertredingen (GAS 5), meer bepaald de administratieve afhandeling door een provinciaal sanctionerend ambtenaar;

          Overwegende dat Greet Van Eygen en Sabine Brijs reeds als provinciaal sanctionerende ambtenaren optreden;

          Overwegende dat omwille van de continuïteit in de behandeling van de dossiers het belangrijk is Gunther Roesems en An Braeken bijkomend aan te stellen als sanctionerend ambtenaar;

          Besluit

          Artikel 1. De gemeenteraad wijst de heer Gunther Roesems en mevrouw An Braeken aan als ambtenaren belast met het opleggen van administratieve geldboetes.

          Artikel 2. De gemeenteraad wijst de heer Gunther Roesems en mevrouw An Braeken aan als ambtenaren belast met het opleggen van administratieve sancties voor overtredingen bedoeld in artikel 3,3° van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

          Artikel 3. De gemeenteraad wijst de heer Gunther Roesems en mevrouw An Braeken aan als sanctionerend ambtenaar voor de administratieve afhandeling van de dossiers inzake beperkte snelheidsovertredingen.
          Artikel 4. Een afschrift van dit besluit wordt gezonden aan de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant, aan de dienst bestuurszaken – GAS-cel van de provincie Vlaams-Brabant, aan de voorzitter van het politiecollege en aan de procureur des Konings te Leuven. 

    • Varia

      • Varia

        • Mondelinge vragen raadsleden

          Juridische overwegingen

          • Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur, in het bijzonder artikel 31
          • Besluit van de gemeenteraad dd. 28 januari 2019 houdende goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad van Linter, in het bijzonder artikel 11

          Feiten, context en argumenten

          Na afhandeling van de agenda van de openbare vergadering van de gemeenteraad kunnen de raadsleden mondelinge vragen stellen over
          gemeentelijke aangelegenheden, die niet op de agenda van de gemeenteraad staan. Op deze mondelinge vragen wordt ten laatste tijdens de volgende zitting geantwoord.
          Mondelinge vragen zijn vragen om uitleg of verduidelijking van aangelegenheden van gemeentelijk belang, het bestuur van de gemeente, of zaken die betrekking hebben op de taken uitgeoefend door het college van burgemeester en schepenen of de burgemeester. Ze mogen geen betrekking hebben op particuliere aangelegenheden of persoonlijke gevallen. Ze mogen niet bedoeld zijn om de persoonlijke intenties van de leden van het college van burgemeester en schepenen te kennen, om een debat uit te lokken, of aanleiding te geven tot enig besluit. In geen geval wordt een uitvoerig debat over de gestelde mondelinge vraag gevoerd in de raad. Hiertoe is vereist dat het onderwerp als agendapunt is vermeld. De vragen beperken zich tot het inwinnen van informatie.

          Besluit

          Enig artikel. De raad neemt kennis van de mondelinge vragen van de raadsleden.