Terug
Gepubliceerd op 06/02/2026

Besluit  Gemeenteraad

ma 26/01/2026 - 19:30

Reglement inzake het lokaal samenwerkingsverband BOA (LSV BOA)

Aanwezig: Jonas Michiels, Voorzitter
Marc Wijnants, Burgemeester
Andy Vandevelde, Sandra Schoovaerts, Patrick Poffé, Schepenen
Helga Delvaux, Martine Jacobs, Ludo Pluymers, Bettina Sandermans, Joeri Dewelde, Kim Soetaers, Patrick Niclaes, Kris Schuyten, Wim Grauwels, Erna Arron, Tibo Bergé, Gemeenteraadsleden
Rina Janssens, Algemeen Directeur
Verontschuldigd: Linda Verdeyen, Eerste schepen
Stef Goris, Ellen Vanherwegen, Gemeenteraadsleden
Juridische overwegingen
  • Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, in het bijzonder artikel 40 en 41
  • Decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 9 juli 2021 over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten
Feiten, context en argumenten

Met het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten beoogt de Vlaamse Overheid een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) met een regierol voor de lokale besturen.

Het lokaal bestuur neemt de regie op en tekent een lokaal beleid uit rond buitenschoolse opvang en activiteiten. Het lokaal bestuur werkt hiervoor nauw samen met partners, in een lokaal samenwerkingsverband.

Het lokaal bestuur neemt het initiatief voor het lokaal samenwerkingsverband en organiseert het. In afwijking hiervan kan het lokaal bestuur de organisatie van het lokaal samenwerkingsverband volledig of gedeeltelijk overlaten aan één of meer andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten. Bij gebrek aan initiatief van het lokaal bestuur kunnen één of meer andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten, het initiatief nemen voor het lokaal samenwerkingsverband.

Op 1 september 2026 eindigt de overgangstermijn en gaan de lokale besturen met hun partners effectief aan de slag.

Tegen 1 september 2026 dient er een samenwerkingsverband opgestart te zijn dat het lokaal bestuur adviseert bij het lokaal beleid inzake buitenschoolse opvang en activiteiten, het beslissen over de besteding en de verdeling van de beschikbare middelen en de erkenning, en het toezicht en de handhaving met betrekking tot het lokaal aanbod van buitenschoolse activiteiten.

Het lokaal samenwerkingsverband is divers samengesteld en bestaat uit een vertegenwoordiging van verschillende actoren die relevant zijn voor buitenschoolse opvang en activiteiten.

Het lokale samenwerkingsverband BOA is geen formele adviesraad zoals bedoeld in artikel 304 van het decreet over het lokaal bestuur.

Het is wenselijk een reglement vast te stellen dat de organisatie van het lokaal samenwerkingsverband regelt.

Besluit

Artikel 1. Naam en zetel

De raad hecht zijn goedkeuring aan de oprichting van een lokaal samenwerkingsverband BOA (LSV BOA). Het lokaal samenwerkingsverband heeft als zetel Gemeente Linter, Helen-Bosstraat 43 te 3350 Linter.

Artikel 2. Doel

Het lokaal samenwerkingsverband BOA is het structureel overlegplatform van en voor de betrokkenen bij buitenschoolse activiteiten en opvang van kleuters en lagere schoolkinderen in Linter.

Het lokaal samenwerkingsverband BOA heeft de volgende opdrachten, zoals vermeld in artikel 9 van het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten:

  • Het niet-bindend adviseren, op vrijwillige basis, van het lokaal bestuur over de uitvoering van haar opdrachten inzake buitenschoolse opvang en activiteiten en de meerjarenplanning.
  • Het ontwikkelen van gezamenlijke operationele doelstellingen en het coördineren van acties binnen de beschikbare middelen.
  • Het gebruik van het Nederlands als verbindende taal stimuleren.

Het lokaal samenwerkingsverband realiseert de opdrachten in samenspraak met andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten, rekening houdend met de doelstellingen, vermeld in artikel 3, tweede lid van het decreet.

Het lokaal samenwerkingsverband BOA kan een adviesvraag krijgen van het lokaal bestuur of op eigen initiatief adviezen formuleren. Adviezen zijn standpunten van het lokaal samenwerkingsverband om beleidsbeslissingen van het lokaal bestuur en/of de hogere overheid te inspireren.

Artikel 3. Samenstelling

§ 1. Het lokaal samenwerkingsverband is divers samengesteld en bestaat uit een vertegenwoordiging van verschillende actoren die relevant zijn voor buitenschoolse opvang en activiteiten.

Het lokaal samenwerkingsverband is samengesteld uit afgevaardigden van volgende partners, actief in Linter:

  • organisatoren van buitenschoolse opvang van kleuters en lagere schoolkinderen;
  • organisatoren van buitenschoolse vrijetijdsactiviteiten voor kleuters en lagere schoolkinderen;
  • scholen die basisonderwijs organiseren;
  • het lokaal bestuur;
  • Huis van het Kind;
  • oudercomités;
  • organisaties die gezinnen vertegenwoordigen;
  • lokale adviesraden uit de vrije tijdssector; 
  • Agentschap Opgroeien;

§ 2. Er kunnen steeds deskundigen ad hoc uitgenodigd worden.

§ 3. De deelname aan het lokaal samenwerkingsverband mag geen voorwaarde zijn voor erkenning of voor financiële personele, logistieke of infrastructurele ondersteuning van actoren door het lokaal bestuur.

§ 4. Het lokaal bestuur wordt vertegenwoordigd door:

  • een personeelslid dat optreedt als voorzitter van het lokaal samenwerkingsverband;
  • diensten die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten en/of bijzondere aandacht hebben voor kleuteropvang, voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
  • schepen bevoegd voor buitenschoolse kinderopvang.
§ 5. Het lokaal samenwerkingsverband is samengesteld uit stemgerechtigde en niet-stemgerechtigde leden.

Alle leden hebben stemrecht met uitzondering van volgende niet-stemgerechtigde leden:

  • Agentschap Opgroeien;
  • schepen bevoegd voor buitenschoolse opvang;
  • diensten van het lokaal bestuur die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten en/of bijzondere aandacht hebben voor kleuteropvang, voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
  • deskundigen die worden uitgenodigd om informatie en advies te verstrekken.
Gemeenteraadsleden, leden van de raad voor maatschappelijk welzijn en leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst kunnen geen stemgerechtigd lid zijn van het lokaal samenwerkingsverband.

§ 6. De concrete samenstelling van het lokaal samenwerkingsverband wordt vastgelegd in een nominatieve ledenlijst die jaarlijks bevestigd wordt op de eerste vergadering van het samenwerkingsverband.

Artikel 4. Procedure voor aanduiding van de leden

§ 1. Bij het begin van de gemeentelijke legislatuur worden alle lokale actoren die relevant zijn voor buitenschoolse opvang en activiteiten aangeschreven met de vraag om elk één kandidaat-lid voor te stellen. Voor elk kandidaat-lid wordt bij voorkeur ook een plaatsvervanger voorzien. Daarnaast gebeurt er ook een publieke oproep naar relevante actoren.  Een kandidatuur moet voldoen aan de voorwaarden opgesomd in artikel 3 van dit besluit.

§ 2. Ook na de installatie kunnen nieuwe kandidaat-leden zich melden. Een kandidatuur moet voldoen aan de voorwaarden opgesomd in artikel 3 van dit besluit en wordt beoordeeld door het lokaal samenwerkingsverband. Eventuele weigeringen moeten worden gemotiveerd.

Artikel 5. Duur en einde van het lidmaatschap

§ 1. Het lidmaatschap van het lokaal samenwerkingsverband is geldig tot uiterlijk zes maanden na de start van de nieuwe gemeentelijke bestuursperiode. Mocht de samenstelling van het lokaal samenwerkingsverband na de start van een nieuwe gemeentelijke bestuursperiode om één of andere reden worden uitgesteld, dan blijven de oude leden in functie tot een nieuw lokaal samenwerkingsverband werd samengesteld.

§2. Aan het mandaat van lid komt voortijdig een einde door:

  • door het ontslag van betrokkene zelf;
  • door het opnemen van een politiek mandaat binnen de gemeente;
  • door het verdwijnen van de band tussen de betrokkene en de organisatie, dienst of voorziening die hij/zij vertegenwoordigt in het lokaal samenwerkingsverband;
  • door het verdwijnen van de organisatie, dienst of voorziening zelf;
  • door een beslissing van de betrokken organisatie, dienst of voorziening;
  • door overlijden of rechtsonbekwaamheid.

§ 3. Het ontslag wordt door de betrokkene zelf schriftelijk bezorgd aan de voorzitter van het lokaal samenwerkingsverband.

In de andere gevallen wordt het feit dat tot de beëindiging van het lidmaatschap aanleiding geeft, door de betrokken organisatie, dienst of voorziening schriftelijk meegedeeld aan de voorzitter van het lokaal samenwerkingsverband.

In voorkomend geval, en inzonderheid bij ontstentenis van enige kennisgeving, kan het lokaal samenwerkingsverband zelf vaststellen dat een mandaat voortijdig is beëindigd.

Artikel 6. Vervanging

Binnen de twee maanden nadat het mandaat van een lid beëindigd is, dient door de betrokken organisatie, dienst of voorziening in zijn vervanging voorzien te worden. De aangeduide opvolger vervolledigt het mandaat van zijn voorganger.

Artikel 7. Voorzitter

Het lokaal bestuur, als organisator van het samenwerkingsverband, duidt een personeelslid van het lokaal bestuur aan als voorzitter van het lokaal samenwerkingsverband.

De voorzitter:

  • leidt de bijeenkomsten van het samenwerkingsverband en bereidt deze mee voor;
  • stimuleert een open en respectvolle dialoog, waarbij ruimte is voor diverse standpunten en waarbij gestreefd wordt naar een gedragen besluitvorming;
  • faciliteert op een neutrale wijze de bijeenkomsten, met aandacht en respect voor ieders inbreng, en het nastreven van consensus als besluitvormingswijze. Dit impliceert automatisch dat, bij een gebrek aan een unaniem standpunt, de stem en wijsheid van de minderheid als evenwaardig wordt beschouwd en als dusdanig mee opgenomen zal worden in de verslaggeving.
  • verbindt en zet de lokale actoren aan tot samenwerking, in samenspraak met alle partners en in nauw overleg met het lokaal bestuur.

Artikel 8. Bijeenroeping en vergadering

§ 1. Het lokaal samenwerkingsverband BOA vergadert telkens wanneer het nodig is. De vergaderingen zijn niet openbaar.

§ 2. De voorzitter roept de vergadering bijeen en stelt de agenda op. De voorzitter verzendt de oproeping en bijhorende documentatie via e-mail of per post. De agenda wordt uiterlijk acht dagen voor de vergadering ter beschikking gesteld. In spoedeisende gevallen kan van deze oproepingsperiode worden afgeweken. De oproeping vermeldt in elk geval de plaats, de dag, het tijdstip en de agenda van de vergadering.

§ 3. Leden van de vergadering kunnen steeds punten aan de agenda toevoegen door deze te bezorgen aan de voorzitter.

Artikel 9. Aanwezigheidsquorum

Er is geen minimum aanwezigheidsvereiste van de leden voorzien opdat de vergadering rechtsgeldig zou kan beslissen.

Er kunnen echter geen beslissingen genomen worden indien enkel het lokaal bestuur vertegenwoordigd is op de vergadering.

Artikel 10. Werkgroepen

Het lokaal samenwerkingsverband kan werkgroepen oprichten.

Werkgroepen hebben geen formele rol of bevoegdheden maar dienen om thema’s en dossiers uit te werken voor het lokaal samenwerkingsverband.

Een werkgroep kan bestaan uit leden van het lokaal samenwerkingsverband, leden van het lokaal bestuur en/of externen met affiniteit of expertise bij de opdracht.

Artikel 11. Besluitvorming

§ 1. Binnen het lokaal samenwerkingsverband BOA worden adviezen en beslissingen in principe niet genomen via formele stemmingen, maar ontstaan deze uit overleg en gezamenlijke afweging. Er wordt gestreefd naar een zo groot mogelijke consensus en een breed gedragen besluitvorming, waarbij unanieme instemming het uitgangspunt is.

Diverse standpunten, nuances en kanttekeningen worden steeds zorgvuldig genotuleerd in het verslag, zodat de rijkheid van het overleg bewaard blijft. Deze werkwijze bevordert een constructieve dialoog en laat ruimte voor het toelichten van verschillende denkwijzen. Net deze diversiteit aan perspectieven draagt bij aan doordachte en duurzame oplossingen die breed gedragen zijn binnen het samenwerkingsverband.

In geval er wordt overgegaan tot stemmen, dan worden besluiten genomen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige leden.

§ 2. Het lokaal samenwerkingsverband bezorgt de uitgebrachte adviezen of geformuleerde voorstellen schriftelijk aan het gemeentebestuur. 

In adviezen en voorstellen dient duidelijk melding te worden gemaakt van het standpunt van het lokaal samenwerkingsverband, van de wijze waarop het advies tot stand kwam, van de argumenten die tot de standpuntbepaling hebben geleid, evenals van de afwijkende meningen of minderheidsstandpunten. 

§ 3. De uitgebrachte adviezen zijn niet bindend voor het lokaal bestuur. De geformuleerde voorstellen houden voor het bestuur geen verplichting in. 

Het lokaal bestuur informeert het lokaal samenwerkingsverband over haar beslissingen inzake uitgebrachte adviezen en voorstellen. Eventuele afwijkende standpunten of beslissingen van het lokaal bestuur worden gemotiveerd. 

Artikel 12. Procedure bij vragen of klachten

Vragen rond de werking van het samenwerkingsverband kunnen gericht worden naar de voorzitter van het samenwerkingsverband.

Indien men niet tevreden is over de afhandeling of dienstverlening, kan men een klacht indienen bij de gemeente Linter die de klacht registreert. Er volgt dan een formele, schriftelijke behandeling van de klacht volgens het klachtenreglement van de gemeente Linter.